Chironzeist - Complementaire diergeneeskundige zorg

  • home
  • Complementair
  • Acupunctuur
    • Kernprincipes
    • Varianten
  • Chiropractie
    • Oorzaken
    • Behandeling
    • Symptomen
  • Homeopathie
    • Kernprincipes
    • Benadering
  • Bloesems
  • Wellness Care
  • Voeding
    • De kat
    • De hond
  • Homotoxicologie
  • Nieuws en artikelen
  • Contact
  • Links

Complementaire diergeneeskundige zorg

Kernprincipes

De wet van het gelijkende
Hahnemann redeneerde dat als een grote hoeveelheid van een stof een individu ziek maakt, een kleine hoeveelheid van diezelfde stof de patiënt tot genezing aanzet.

Of: datgene dat bepaalde symptomen veroorzaakt, kan de symptomen ook helpen verdwijnen. Hij was op deze gedachte gekomen na een experiment op zichzelf met kinine, en later gebruikte hij tests met gezonde proefpersonen om uit te vinden welke symptomen door bepaalde stoffen veroorzaakt werden. (Deze tests worden "provings" genoemd). Daarna werden homeopathische verdunningen van diezelfde middelen gebruikt bij patiënten met vergelijkbare symptomen.

De wet van de kleinste hoeveelheid
Dit is het tweede principe van de homeopathie die zegt dat hoe verder een remedie verdund is, hoe sterker hij werkt.

Waneer een remedie wordt bereid wordt hij verdund en vervolgens een aantal malen krachtig geschud. Een remedie wordt zover verdund en geschud dat er uiteindelijk niets tot vrijwel niets van de oorspronkelijke stof overblijft, behalve de energie ervan. Dit betekent ook dat hoe verder verdund, of "gepotentiëerd", zoals de combinatie van schudden en verdunnen genoemd wordt, hoe krachtiger de remedie is.

Het potentiëren verklaart ook waarom remedies gemaakt kunnen worden van stoffen die in hun uitgangsvorm giftig zijn, zoals bijvoorbeeld arsenicum.

Het hele individu
Het derde principe is dat het totaal van de patiënt in aanmerking moet worden genomen.

Homeopathie is een volstrekt individuele therapie. Wanneer een homeopaat een remedie voorschrijft is dat na uitgebreide analyse van de patiënt, waarbij ook factoren als voorkeur voor koude of warmte, eetlust, voorkeuren voor bepaalde voedingsmiddelen, situaties waarin de klachten verergeren of juist verbeteren, een rol spelen.